Laadplein aanleggen? Voorkom een mislukking!

By 9 mei 2019Nieuws

Steeds meer gemeenten laten zich adviseren over de aanleg van laadinfrastructuur. Daarbij wordt steeds vaker voorgesteld om laadpleinen aan te leggen. De belangstelling is welkom, want deze pleinen verstevigen het netwerk van openbare laadpalen. Alleen: hoe zorg je ervoor dat ze gebruikersvriendelijk en toekomstbestendig zijn?

Meestal krijgen gemeenten het advies om te kiezen voor een master-slave-constructie. Eén laadpaal (de master) is dan direct aangesloten op het net en het backofficesysteem. Alle andere laadpalen (de slaves) zijn aangesloten op de master. Die constructie kan echter ten koste gaan van het laadvermogen. Op laadpleinen, die een actieve speler in deze markt realiseert, blijkt dat hier vaak maar met één fase geladen kan worden. Bij één fase laden met 16 A wordt er geladen met minimaal 2,0 kW.

MRA-Elektrisch vindt dit onvoldoende omdat het laden dan erg langzaam gaat. De Tesla Model S doet er dan 43 uur over om 90% op te laden. Zelfs als de auto langere tijd aan de laadpaal heeft gestaan, kan de elektrische rijder er dus niet genoeg op vertrouwen dat hij met een volle accu wegrijdt. MRA-Elektrisch raadt daarom aan te eisen dat er altijd met drie fasen (krachtstroom) kan worden geladen, waarbij ieder oplaadpunt minimaal 11 kW vermogen levert. Zo weet de e-rijder waar hij aan toe is. Bovendien is dit geen stap terug: het is de standaard waar de elektrische rijder nu in de praktijk al aan gewend is.

“Zorg dat er met voldoende vermogen en drie fasen kan worden geladen”

Belangrijk is ook om scherp te letten op de prijs. Een ‘connectietarief’ (tijdstarief per uur) is onwenselijk, want hiermee wordt het voor de elektrische rijder erg onduidelijk wat hij gaat betalen. De e-rijder betaalt een extra parkeertarief en de rekening blijft ook nog eens doorlopen als de accu vol zit. Steeds de auto verplaatsen is erg onhandig en bovendien zit niemand daarop te wachten. De e-auto neemt dan een schaarse parkeerplek in en uitgesteld ‘slim’ laden is onmogelijk. Een tarief voor uitsluitend de afgenomen stroom is daarom beter, zowel voor de e-rijder áls voor de transitie naar elektrisch rijden in zijn geheel.

“Een ‘connectietarief’ (extra parkeertarief per uur)? De e-rijder betaalt de rekening!”

Sterk laadvermogen, betaalbare tarieven én bereikbaar
Verder moet de afstand voor de elektrische rijder naar een laadplein goed bekeken worden. Als de gemeente vooral inzet op laadpleinen moeten e-rijders misschien grote afstanden lopen. Dat is niet wenselijk. We horen geluiden dat bestuurders hun (dure) auto niet op een achteraf pleintje willen parkeren omdat ze bang zijn voor inbraak. MRA-E adviseert gemeenten om een maximale loopafstand van 300 meter aan te houden tussen het woon- of werkadres en het laadpunt. Samen kunnen we ervoor zorgen dat elektrische rijders goed gefaciliteerd blijven, ook op een laadplein. Met een sterk laadvermogen, transparante betaalbare laadtarieven op een bereikbare afstand.

Meer weten? Neem contact op met Maarten Linnenkamp.